Defence for Children en UNICEF monitoren jaarlijks de stand van zaken rond kinderrechten in Nederland. In het kader daarvan wordt ook met kinderen op scholen gesproken over kinderrechten. In het kader van deze actie hebben Jan Alfrink (pedagogisch adviseur) en Gert Hilbolling (coördinator primair onderwijs) namens de Vereniging van vrijescholen in de klassen 5 en 6 een les verzorgd over kinderrechten.
Tijdens de les zijn eerst een aantal stellingen aan de kinderen voorgelegd. De resultaten daarvan worden gebruikt in het jaarbericht van Defence for Children en UNICEF. Het was opmerkelijk hoe genuanceerd kinderen stelling nemen.
Eén van de stellingen luidde: Ouders die net een baby hebben gekregen, moeten op les. Daar leren zij, hoe zij hun kind moeten opvoeden. Een jongen in klas 5 kon deze vraag niet met eens of oneens beantwoorden. Zijn reden daarvoor: “het hangt van het gedrag van de ouders af.”
Met rechten zijn ook plichten verbonden. In een tweede deel van de les kregen de kinderen 28 kinderrechten voorgelegd. 10 daarvan waren ‘nep’. De kinderen wisten vrijwel onmiddellijk wat een recht is, zoals bijvoorbeeld: het recht op zorg en liefde, het recht om te spelen of het recht op bescherming tegen oorlog en geweld. Aan de ‘neprechten’ werd duidelijk dat er ook een ontwikkeling zichtbaar wordt. Wat voor een baby geldt past niet meer bij een 18e jarige. Bijvoorbeeld het recht om aan tafel te mogen boeren. Als je baby bent is iedereen nog blij. Als je 11 bent en hetzelfde doet vertoon je ongepast gedrag. Naarmate je ouder wordt komen er naast de rechten ook steeds meer plichten bij. Het was zeer herkenbaar voor de kinderen dat ze in de leeftijd van elf twaalf jaar halverwege zijn wat de verhouding tussen rechten en plichten betreft.
Het kinderrechtenverdrag is opgesteld in 1989 door de Verenigde naties en is ondertekend door 193 landen. Nederland tekende het verdrag in 1995.
Geplaatst door vrijescholen
Omroep Wakker Nederland in gesprek met Leo Stonks, voorzitter van de Vereniging van vrijescholen, over de ontwikkelingen rond de Citotoets in het primair onderwijs.